Phraya Nakhon Cave is misschien wel de meest bijzondere plek in Khao Sam Roi Yot (National Park). Hoog in de grot staat het Kuha Karuhas Pavilion, dat vaak de “tempel in de grot” wordt genoemd. Officieel is het geen tempel, maar een koninklijk paviljoen dat in 1890 werd gebouwd ter ere van koning Rama V die de grot bezocht. De wandeling naar de grot is pittig, maar zodra je het paviljoen ziet staan in het binnenvallende licht, ben je de inspanning snel vergeten.
Read this article in EnglishWaarom is de Phraya Nakhon Cave zo bijzonder?
De Phraya Nakhon Cave is bijzonder doordat de grot uit meerdere kamers bestaat. Op verschillende plekken is het dak ingestort, waardoor het daglicht naar binnen valt. Dankzij dat licht groeien er zelfs bomen en struiken in de grot, wat zorgt voor een bijna feerieke sfeer. Vooral op zonnige dagen schijnt het licht op magische wijze naar binnen.
De ontdekking van de Phraya Nakhon Cave
De Phraya Nakhon Cave werd ontdekt in de 17e eeuw door Chao Phraya Nakhon Sri Thammarat, een visser die tijdens een zware storm op zoek ging naar een veilige schuilplaats. Hij vond de verborgen grot, verstopt tussen de kalkstenen heuvels van wat nu Khao Sam Roi Yot National Park is. De grot werd naar hem vernoemd: Phraya Nakhon Cave.


De koninklijke geschiedenis van Phraya Nakhon Cave
Na de ontdekking bleef de Phraya Nakhon Cave lange tijd een goed bewaard geheim en was het alleen bekend bij de lokale bevolking. Aan het einde van de 19e eeuw veranderde dat. Ter ere van het bezoek van koning Rama V werd het Kuha Karuhas Pavilion geplaatst. Later bezochten ook koning Rama VII en koning Rama IX de grot. Het elegante koninklijke paviljoen staat er nog altijd, midden in de grot; precies op de plek waar het zonlicht op een bepaald moment van de dag op z’n mooist naar binnen schijnt.
Het begin van de wandeling naar de Phraya Nakhon Cave
De wandeling naar de “tempel in de grot”, zoals veel mensen de Phraya Nakhon Cave kennen, start in het vissersplaatsje Ban Bang Pu aan de rand van Khao Sam Roi Yot National Park. Hemelsbreed is de afstand niet groot (ongeveer één kilometer) maar het zijn de hoogtemeters die de tocht pittig maken. De route kun je opdelen in drie etappes: eerst beklim je een heuvel vanaf Ban Bang Pu, daarna volgt een vlak stuk langs het strand en tot slot wacht de steile klim omhoog naar de grot.
Bij de parkeerplaats koop je je entreeticket én het toegangsticket voor het nationale park. Je kunt er hier ook voor kiezen om het eerste deel niet te voet af te leggen maar met een boot. De boot brengt je naar Laem Sala Beach waardoor je het eerste deel van de wandeling over slaat. Hou er wel rekening mee dat je bij laagwater een heel stuk over een modderige zeebodem naar de boot moet lopen; het is dus niet altijd sneller om voor de boot te kiezen.


Eerste etappe: beklimmen van de heuvel
De meeste mensen doen ongeveer 30 minuten over het eerste deel van de wandeling naar de grot, wij ook. We lopen niet in één stuk door maar nemen de tijd om te genieten van de verschillende uitkijkpunten onderweg en blijven even kijken naar de aapjes die we tegenkomen op het pad.
We lassen regelmatig korte pauzes in om wat water te drinken; het is bloedheet, zelfs nu, vroeg op de ochtend en zonder zon. We hebben ruim 4,5 liter water mee voor ons vieren en dat is geen overbodige luxe. Stevige schoenen trouwens ook niet; de paden zijn steil, ongelijk en er liggen vaak losse stenen. Op veel plekken is het handiger om over het muurtje naast het hek te lopen, al is dat op de heel steile stukken weer minder fijn.


Tweede etappe: wandelen over Laem Sala Beach
Als je de heuvel eenmaal over bent volgt een vlak stuk: de tweede etappe van de wandeling. Je kunt hier over het Laem Sala strand lopen of over het pad onder de bomen, lekker in de schaduw. Ik vind dit een prachtige plek en in de ochtend is het hier heerlijk rustig. Hier vind je ook een restaurant, een fijne plek om op de terugweg even te stoppen voor een (simpel) hapje en drankje.


Derde etappe: de klim naar de tempelgrot
Een pad dat haaks op het strand ligt, leidt je naar de derde etappe van de wandeling: de steile klim naar de grot. Hier wordt het echt pittig; het pad bestaat uit ongelijk aangelegde trappen die zich zo’n 400 meter omhoog slingeren. Onderweg komen we verschillende EHBO-posten tegen en op meerdere borden wordt gewaarschuwd voor de combinatie van hitte en inspanning. Dat deze waarschuwingen niet voor niets zijn, merken we wanneer we bijna bij de grot aankomen: een paar EHBO-mannetjes rennen ons voorbij en even later zien we een jongeman zitten met een zuurstofmasker op.


De ingang van de Phraya Nakhon Cave
Na ongeveer 40 minuten klimmen (met rustpuntjes) bereiken we de ingang van de grot. Ongelooflijk om je voor te stellen dat deze plek ooit is ontdekt door iemand die vanaf zeeniveau op zoek was naar een veilige schuilplek! Vanaf het hoogste punt daal je een flink stuk af de grot in, waar je uiteindelijk uitkomt in de eerste ruimte. Ook hier is het dak ingestort, waardoor het daglicht naar binnen valt op een soort mini-bos. Na even rond kijken door naar het Kuha Karuhas Pavilion, voor we het mooie licht missen. Hiervoor volgen we een smal pad door een lager gedeelte van de grot, totdat we uitkomen op de beroemde plek waar het paviljoen staat.


De beste tijd van het jaar om Phraya Nakhon Cave te bezoeken
Helaas laat de zon zich vandaag niet zien, waardoor we niet die dromerige lichtbundels hebben die door het dak van de grot naar binnen vallen. Deze periode van het jaar (wij zijn er in juli) is sowieso niet de allermooiste tijd om de grot te bezoeken, zelfs niet als de zon wél schijnt. Het meest spectaculair is het hier tussen december en maart. In die periode valt de zon rond 10.30u precies op het paviljoen, waardoor de hele grot een magische gloed krijgt. Maar dat mag de pret absoluut niet drukken, want ook nu vind ik het nog steeds adembenemend en ontzettend fotogenieke plek. Wat mij betreft is het ook buiten de hierboven genoemde periode een absolute aanrader om deze grot te bezoeken.

Inscripties van de koningen
Loop zeker even een rondje rondom het paviljoen, want vanuit elke hoek ziet het er weer totaal anders uit. Onderweg kom je langs de inscripties die de drie Thaise koningen tijdens hun bezoek in de rotswand hebben achtergelaten, een bijzonder detail dat de plek extra betekenis geeft.


Terug wandelen naar Ban Bang Pu
De terugweg is minder zwaar dan de heenweg, maar wel een stuk drukker. Tegen het einde van de ochtend komen er steeds meer mensen omhoog klimmen, waardoor het op de trappen behoorlijk vol kan worden. De jongeman die we eerder met een zuurstofmasker zagen, wordt inmiddels op een brancard naar beneden gedragen, het ziet er niet best uit. Ondertussen is onze 4,5 liter water bijna op. Het is verbazingwekkend om te zien hoeveel mensen deze wandeling maken met slechts een klein flesje van 0,5 liter. We drinken en eten iets bij het restaurant onderweg, voor we de heuvel tussen Laem Sala Beach en Ban Bang Pu weer over klimmen.


Wat nog meer zien in Khao Sam Roi Yot National Park?
De Phraya Nakhon Cave mag dan misschien dé trekpleister van Khao Sam Roi Yot National Park zijn; er zijn nog veel meer mooie plekken te zien in dit park. Denk aan de mooie Bueng Bua Boardwalk, het houten pad dat is aangelegd in een groot moerasgebied. De Kissing Cave is een grot van een totaal andere orde maar zeker een bezoekje waard, zeker door de boottocht die je naar de cave brengt. Er zijn een aantal mooie stranden en in het park vind je verschillende uitkijkpunten met adembenemende panorama’s over de karstbergen en de kustlijn. Een van de mooiste plekken voor een mooi uitzicht is het Khao Daeng View Point. Voor een vleugje cultuur kun je terecht bij Wat Khao Daeng, een sfeervolle tempel die prachtig is gelegen aan de voet van imposante kalksteenkliffen. En tot slot: rijd zeker ook over road 1021. Vanaf hier heb je misschien wel het allermooiste uitzicht op de karakteristieke bergkam van Sam Roi Yot.




